Tussen Pesach en het volgende Joodse feest (Sjawoe’ot) zitten zeven weken. Deze weken worden ook wel ‘het tellen van de Omer’ genoemd. Sjawoe'ot gaat terug op een oude wet over het offeren van een ‘omer’ (gerst) van de nieuwe oogst. In deze zeven weken denkt het Joodse volk terug aan al het lijden dat ze door de eeuwen heen hebben meegemaakt. Tijdens deze tijd wordt er niet getrouwd, worden er geen feesten gegeven en gaat men niet naar de kapper.
De 33ste dag heet Lag Ba’omer, een vrolijke dag waarop trouwen en feestvieren weer is toegestaan. Er worden vreugdevuren gemaakt en op deze dag zijn er veel stelletjes die trouwen. Lag ba’omer wordt gevierd op 2 mei 2010, 22 mei 2011 en op 10 mei 2012.

